Column WR: Klaar voor de start…

Daar sta je dan in je oranje pakkie, je probeert je zenuwen in toom te houden, de camera’s zijn op je gericht. De Nederlandse ploeg is de beste in de ranking en dus sta je met je zeven ploeggenotes op de eerste rij. Maar hoe goed je benen ook zijn, hoe sterk het collectief ook is en hoe mooi je nagels gelakt; vandaag moet er simpelweg gewonnen worden.

In de weken voor het WK voel je de stress in het peloton toenemen. Niet alleen onder de Nederlanders. Sommige proberen nog een laatste startplek te verdienen, anderen zoeken naar topvorm en een enkeling voelt de druk van de natie steeds zwaarder op de smalle schouders drukken.

Het startschot klinkt. De aanloop van Montecatini Therme naar Florence is gelukkig niet zo lastig. De zenuwen zakken weg, de focus blijft. Een Mexicaanse, Russin of Braziliaanse gaat in de aanval. Geen probleem. In het peloton worden de krachten zoveel mogelijk gespaard. Het parcours boezemt angst in. Bij het inrijden van de stad begint de roller-coaster. De remmen gaan los. De eerste beklimming van de Fiesole wordt er naar elkaar gekeken. Niemand kijkt naar rechts om te genieten van het prachtige uitzicht van deze klim aan de rand van Florence. De klim is vergelijkbaar met de Camerig in Limburg, de afdaling is daarentegen een stuk technischer. De bochten volgen elkaar in hoog tempo op en voor je het weet doemt er een muur voor je op, via Salviati. Je slikt eventjes. Aanzetten, staan, staan, blijven staan! Na 600 meter á 12 procent gemiddeld en 20 procent maximaal, plof je op je zadel. Pfoe! Maar er is helemaal geen tijd om op adem te komen. Het peloton is warmgedraaid. Links, rechts, links, rechts. Nog een hobbeltje en een viaductje die over twee ronden waarschijnlijk ook als een buitencategorie klim aanvoelen. Je scheert langs de finish. Nog vier ronden. Fasten your seatbelts…

Wat is het toch dat iedereen zo graag dat WK wil rijden? Alleen de parcoursverkenning was al genoeg voor een paar slapeloze nachten. Wat betreft de moeilijkheidsgraad is het in mijn beleving veruit het lastigste parcours van de laatste tien jaar. Slechts een handjevol rensters gaat hier om de regenboogtrui strijden. De overige honderd rensters zijn figuranten in een wedstrijd die hopelijk weer een spektakelstuk gaat worden. Marianne Vos zal als topfavoriet niet wakker liggen van dit parcours. Helemaal niet met Anna van der Breggen aan haar zijde, die de laatste weken liet zien dat ze op sommige momenten het niveau van Marianne kan evenaren. Ook Ellen van Dijk en Lucinda Brand schat ik hoog in (helemaal als Ellen enkele dagen daarvoor de titel op de individuele tijdrit heeft veroverd en in de winning mood is. Let op mijn woorden; als zij dat lange sterke lijf op die tijdritfiets vouwt, de pedalen rond gaat malen en door Florence dendert gaan we voor het eerst sinds Van Moorsel weer een Wereldkampioene tijdrijden huldigen!). Ik snap heel goed dat iedereen het WK wil rijden. Zwaar of niet. Wat is er nu mooier dan met je landgenoten te strijden voor de titel!

Je rolt over de finish. Je bent leger dan leeg. Je oren suizen, je ogen prikken en je moet naar beneden kijken om te weten of je benen er werkelijk nog aanzitten. Je zoekt een oranje shirt. Je zoekt naar de bevestiging. Is het gelukt… of niet?

Op 28 september zullen we het weten.

Column WR: Vergeving

Sorry. Het spijt me. Sommige mensen excuseren zich gemakkelijker dan anderen. Opgroeiend met twee oudere broers ging het bij ons thuis soms wat ruw aan toe. Met heel wat verwondingen en vermiste tanden tot gevolg. “Sorry” hoefde ik niet te verwachten als ik weer eens een peddel (per ongeluk) tegen mijn kop kreeg, of mijn vriendje het uitmaakte nadat ze hem in de sloot hadden geslingerd (niet per ongeluk). Hooguit een “oeps!” Daarentegen had ik eens een Engelse ploeggenote die zo vaak “I’m sorry” op een dag riep dat het woord sorry helemaal zijn waarde verloor. Ik snapte ook wel dat ze niet expres nipt de Giro verloor.

Spijt betuigen is tegenwoordig een ‘hot item’. Tom Veelers vond Cavendisch’ duwtje in de afgelopen Tour niet bepaald “oeps” en kon pas weer verder met zijn leven na ‘persoonlijke excuses’ van de Brit. De ASO was er dan wel weer als de kippen bij om Johnny Hoogerland excuses te maken nadat een spandoek hem ten val bracht in de eerste Touretappe. Zelfs als je even ondeugend bent en een rondemiss in haar billen knijpt (die er eerlijk gezegd toch gewoon om vragen?) moet je door het stof der spijtbetuigingen. Maar als je eens echt diep door het stof wilt gaan, dan moet je een dopingbiecht doen! Nee, met een eenvoudig “sorry” kom je er dan niet meer vanaf. Je moet in geuren en kleuren je verhaal uit de doeken doen, open brieven schrijven, je ontslag aanvaarden en bovenal honderden fans teleurstellen. Of je vorige maand of vijftien jaar geleden EPO hebt gebruikt; je prestaties schijnen in een klap niets meer waard te zijn.

De afgelopen maanden zijn er weer heel wat oude en nieuwe positieve gevallen naar boven gekomen. Bij sommige sta je wat langer stil dan bij andere. Zoals afgelopen week, toen ik las dat Jeroen Blijlevens na vijftien jaar alsnog positief bevonden is. Jeroen was vorig jaar mijn ploegleider en aangezien ik veel goede herinneringen aan onze samenwerking heb, gun ik hem dit persoonlijk drama absoluut niet. De discussies over verjaring, ‘iedereen deed het toen’ of het feit dat hij gelogen heeft tegenover de commissie Sorgdrager daargelaten, is er een ding wat mij ook hierbij weer opviel; Waarom is het in deze maatschappij zo moeilijk om je fouten toe te geven? De brief van Jeroen geeft eigenlijk het antwoord, net als de reacties van andere ‘dopingzondaars’ zoals Michael Boogerd; Er is niets pijnlijker dan van je voetstuk te vallen. Topsporters leven bij de gratie van roem. Geef je een fout toe, dan ben je de erkenning en misschien zelfs wel je identiteit kwijt. Ze zijn afhankelijk van het kleine wereldje dat hun sport is, zelfs nog na hun actieve sportcarrière. Naar mijn mening onterecht, iedereen is meer dan alleen een sporter. Zeker voor de mensen die dicht bij je staan.

Voor mij is het natuurlijk makkelijk praten. Als je niet op een voetstuk staat kun je er ook niet afvallen. En als je niemand op een voetstuk plaatst hoef je ook niet teleurgesteld te zijn. Maar bovenal ben ik blij dat ik ook in een heel vergevingsgezind gezin ben opgegroeid. Ondanks mijn broers (of misschien wel dankzij) ben ik goed terecht gekomen. Ja, ik maak regelmatig fouten en als ik het in de gaten heb, dan zeg ik “sorry” in de hoop dat mijn fout me vergeven wordt en we weer verder kunnen. Dat wens ik Jeroen ook toe; een ‘Happy Life’, met of zonder wielrennen.

Column Wielerrevue: La Tour

Frans was inderdaad het eerste vak dat ik heb laten vallen op de middelbare school, maar niet de reden van bovenstaande taalfout. Want volgens mij, en met mij heel veel anderen, kan de Tour best weer vrouwelijk worden!

Emma Pooley, voormalig Wereldkampioen tijdrijden en een renster die zich al jaren sterk maakt voor het vrouwenwielrennen is samen met Marianne Vos, Kathryn Bertine en Chrissie Wellington tijdens de Tour de France een petitie gestart om de ASO ervan te overtuigen voor vrouwen dezelfde etappekoers te organiseren. Het moet een blauwdruk van de mannenwedstrijd worden; voor de mannen uit starten, dezelfde finishplaatsen en ook een duur van drie weken. Aangezien ik net een beetje hersteld bent van acht dagen Giro Rosa moet ik er nog even niet aan denken; drie weken achter elkaar koersen! Maar dat betekent niet dat we dat niet zouden kunnen, een kwestie van instelling!

De petitie was binnen 24 uur al 6000 keer ondertekend dus er bestaat zeker een breed draagvlak voor het idee. Mijn fantasie slaat in elk geval bij het idee al helemaal op hol. Wie kent de beelden van Longo en van Moorsel in sur place op de Alpe d’Huez niet? Met het niveau in het huidige peloton zal onze Tour nog tien keer zo spannend worden! Geen persoonlijke duels tussen twee vedettes, maar heel veel sportieve strijd tussen rensters van over de hele wereld. Ik zie het al voor me; het begint allemaal met een gele trui voor Ellen van Dijk na het winnen van de proloog. Daarna volgen duels tussen Mara Abbot, Evelyn Stevens en Emma Pooley op de Mont Ventoux, die vervolgens weer minuten aan hun broek krijgen wanneer de Nederlandse ploegen alles op de kant gooien in de waaieretappes. Marianne Vos die als een kannibaal talloze ritzeges en de groene trui meepakt. Ikzelf kijk vooral uit naar bocht 7 op de Alpe d’Huez waar ik talloze duwtjes in de rug krijg van de Nederlandse supporters terwijl Anna van der Breggen, tien bochten verder al, bezig is een Nederlandse overwinning op deze historische berg te verzekeren. Als kers op de taart zal Kirsten Wild Georgia Bronzini verslaan op de Champs-Élysées! Maar wie het geel zal dragen in Parijs? Dat zal ik aan uw fantasie overlaten…

Natuurlijk zal het vrouwenwielrennen niet opeens gelijkwaardig worden aan het mannenwielrennen wanneer ‘La Tour’ er komt, zoals dat bij tennis, atletiek of schaatsen wel al het geval is, maar het kan wel een enorme zet in de goede richting geven. (Hoewel dat er natuurlijk niet toe hoeft te leiden dat wij ook ‘verwende’ sporters worden die een kritische column nodig hebben om te gaan presteren. Goed bezig Belkin-mannen, ik houd weer van jullie!) Nu hopen dat het niet bij mijn fantasie hoeft te blijven, dan beloof ik u; Als wij volgend jaar van start gaan in de Tour kunt u spektakel verwachten!

Lees hier meer columns terug

Column: Ik ben een vliegtuig!

Ik moet mij verontschuldigen. Marianne Vos heeft de laatste Giro Rosa namelijk niet gewonnen. Dat vinden veel mensen waarschijnlijk opmerkelijker nieuws dan wanneer ze wel gewonnen had. Natuurlijk kan ik zeggen dat Marianne ook maar een mens is en dit jaar misschien niet de beste ter wereld is wanneer het wat langer bergop gaat, maar dat is niet helemaal de reden van de verloren Giro. De reden is de vreselijk onprofessionele instelling bij de RaboLiv/Giant ploeg en mijzelf voorop.

In mijn vorige column heb ik mijn mannelijke collega’s van Blanco (nu Belkin) nogal te kakken gezet met mijn ‘besparingtips’ en dat vonden ze niet leuk. Maar ondertussen heb ik ze wel op scherp gezet en rijden de ‘verwende ventjes’ nu de sterren van de hemel in de Tour (waarschijnlijk deel ik mijzelf nu iets teveel eer toe, maar ik vind het wel een prettige gedachte). Als ik dit schrijf is de 13e etappe zojuist gefinisht en ze zijn zelfs ten aanval getrokken! Wat er ook nog gebeurt deze Tour; Bauke, Laurens en zelfs Lars: ik vind jullie weer helemaal top!

Dit brengt mij weer terug naar mijn eigen ploeg. Van het begin af aan zijn we een behoorlijk succesvol team, ondanks een bescheiden budget. Na afloop van de Giro moet ik echter concluderen dat al dat succes ons teveel is geworden en zijn gaan denken het wel zonder enige expertise van buitenaf te kunnen; dit is de reden van dit Italiaanse debacle.

Ik zal een paar voorbeelden geven van de afgelopen Giro Rosa: Ten eerste werden de tactische besprekingen werden volledig overstemd door DJ Roxane, aangevuld met vocals (lees geschreeuw) van ondergetekende en bijpassende danspassen (lees ongecontroleerde stuiptrekkingen) van Annemiek en Sabrina. Vervolgens werden de stuurpennen volgeplakt met oppeppende teksten in de trant van ‘Ik voel me Kei-goed’ en ‘I am Dirty Bitch’ in plaats van de kilometers van de sleutelmomenten in de koers. Tijdens de koers was onze Nederlands kampioen Lucinda vooral bezig met het spotten van een fonteinen en riviertjes waar ze na afloop van de koers in zou kunnen afkoelen. Onze koolhydraat-tekorten werden aangevuld door werkelijk tientallen zakken spekjes. Marianne bracht meer uren voor een fotocamera door met half mannelijk Italië dan op haar zadel. De rol van onze ploegleider was dus beperkt tot het motiveren van zijn rensters voor de koers. De laatste vier dagen probeerde hij dat bij mij op de volgende manier: “Slappie; je moet gewoon de hele wedstrijd denken ‘Ik ben een vliegtuig!” Het ging zelfs zover dat ik deze tekst in de laatste etappe op mijn tijdritfiets geplakt kreeg. Ik heb maar niet geïnformeerd naar wat hij Marianne meegegeven heeft… Hoe Marianne toch nog drie etappes en de puntentrui heeft kunnen winnen? Geen idee!

Kortom, het wordt tijd dat de rensters van RaboLiv/Giant weer op scherp gezet worden. DJ Roxane gaat weer serieus fietsen in plaats van haar ploeggenoten vermoeien met DJ Paul Elstak, Captain Jack of Nick en Simon. Spekjes worden weer ingewisseld voor energierepen. Lucinda blijft gewoon op haar fiets zitten in plaats van in fonteinen te springen en Marianne gaat weer gewoon op de koers letten in plaats van op Italiaanse playboys. Koos Moerenhout komt weer met realistische tactieken. Ikzelf ben geen vliegtuig meer en zal mijn verantwoordelijkheid nemen om er weer gewoon een ploeg saaie trutjes van te maken!

foto

Column WR: Wie heeft een gat in de hand?

Het schijnt dat er een vooroordeel bestaat over vrouwen en geld, iets met een gat in hun hand geloof ik. Maar als ik de berichten in de media de afgelopen weken lees, dan heb ik het idee dat ik (vrouw) u, meneer Plugge, nog wel wat kan leren wat betreft omgaan met geld. Serieus. Een sponsor moet 15 tot 22 miljoen euro schuiven om 29 verwende ventjes in het peloton te houden?! Let op, met deze besparingstips doet u het voor de helft:

Tip 1: Trek één veelwinnaar aan in plaats van zes dikbetaalde net-niet-winnaars.

Tip 2: Schrap in de salarissen. Voer de Balkenende-norm in. Profwielrenner zijn is een voorrecht. Daar hoef je geen tonnen mee te verdienen. Dan moet Lars Boom misschien maar een bijbaantje nemen, is het zwarte gat na je carrière ook wat minder groot. Ook in het bedrijfsleven en bij bijvoorbeeld woningcorporaties blijken topsalarissen niet tot betere prestaties te leiden.

Tip 3: Hoe minder je te besteden hebt, des te innovatiever en creatiever oplossingen worden. Neem bijvoorbeeld de watervernevelaar voor de warming-up in de Tour de France. Haal je handen uit je zakken, pak een plantenspuit en je hebt een low-budget-equivalent.

Tip 4: Business-class vliegen? Met economy ben je net zo snel in Australië.

Tip 5: Bespaar op het wagenpark. Eén touringbus lijkt me genoeg. Elke verzorger zijn eigen auto is ook wat overdreven. Carpoolen is gezellig én veel beter voor het milieu.

Tip 6: Gezien de tijd die ploegleiders over hebben om te twitteren tijdens de wedstrijden zie ik hier ook wel wat ruimte om een of twee banen te schrappen.

Tip 7: Nog iets waar er te veel van rondlopen; artsen. In het nieuwe wielrennen kunnen renners zelf hun multivitamines uit een potje halen. Eén arts om je op te lappen na een valpartij lijkt me genoeg. Of nog beter: Maak met het hele peloton gebruik van de één of twee al aanwezige rondeartsen.

Tip 8: Schrap ook die twee man personeel met hun vrachtwagentje matrassen, zeulend van hotel naar hotel in de Tour. Als je hard genoeg fietst, en dus moe wordt, slaap je zelfs op een uitgewoond matrasje met een halve lattenbodem in een Formule 1 hotel.

Tip 9: Stuur de rennersvrouwen in een camper vooruit in de grote rondes. Kunnen ze koken, wassen en ondertussen geen geld uitgeven (dit eventueel in combinatie met besparing op de matrassen én wordt er niemand in de verleiding gebracht eventueel vreemd te gaan).

Tip 10: Wat betreft Pampers, huismerk is ook oké. Af en toe schrale billetjes krijg je niks van.

De 1 miljoen tip: Bied een Spanjaard die al in verschillende dopingzaken genoemd wordt geen driejarige contract aan!

Zo, en het beste is nog dat u dit advies helemaal gratis krijgt! Van het soort dat bekend staat om het gat in de hand. Succes, meneer Plugge, met uw nieuwe huishoudboekje.

Column WR: Hoe krijg je vrouwen op één lijn

Je bent brugwachter in Winschoten. Een behoorlijk relaxed baantje. Een beetje ouwehoeren, pijp roken en af en toe je ophaalbrugje omhoog draaien. De bevolkingsdichtheid is niet bepaald hoog te noemen in dit Groningse gehucht. Er gebeurt weinig en een burn-out is hier zeldzamer dan een koe met een vijfling.

U had het gezicht van de brugwachter moeten zien toen er op drie april een pelotonnetje met licht geïrriteerde, zwetende wielrensters vol adrenaline, met piepende remmen tot stilstand kwam voor zijn zojuist omhooggedraaide brugje. Ik dacht dat de man in zijn broek zou plassen van paniek!

Ja, het was een bijzondere dag, die eerste etappe van de Energiewachttour. Volle bak koers vanuit vertrek. De thermometer tikte hoogstens 4 graden aan en de vlaggen stonden strak. Die dag had ik er nog plezier in om voor de volle honderd kilometer wedstrijd slechts de uiterste tien centimeter van het asfalt te gebruiken (na vijf dagen op tien centimeter asfalt was de lol er wel een beetje af). Na elkaar 80 kilometer op de pijnbank gelegd te hebben waren we in de finale nog met 22 rensters over toen de jury ons maande te stoppen. Een achtervolgende groep was schijnbaar fout gereden. Hun probleem, zou je zeggen, maar goed, gehoorzaam als we zijn hebben we gewacht op de verdwaalde rensters. Vanaf het moment dat de koers een minuut of tien later weer vrijgegeven werd ontaarde het echter in één grote chaos. Miscommunicatie tussen wedstrijdleiding en politie zorgde ervoor dat we midden in het verkeer terecht kwamen waardoor geloste groepen zo weer konden aansluiten. Postbodes, invalidenwagentjes, huisvrouwen op boodschappenfietsen doken op in ons peloton en als extra dimensie moesten we regelmatig een vrachtwagen ontwijken. En toen was daar die ophaalbrug!

Die arme brugwachter kon er natuurlijk niets aan doen. Hij had vast al een half uur op ons staan wachten voor hij besloot Hylke en Sytse in hun sloepje door te laten. De woede van de rensters richtte zich dan ook niet op de brugwachter, maar op de wedstrijdleider. Een bijzonder moment; we waren het met elkaar eens! “Dit kan zo niet langer, wij stoppen!” Terwijl de brugwachter in no-time zijn brugje omlaag draaide reden wij eensgezind naar de streep (we reden drie finale rondes) en stopten daar. Jury in paniek. Speaker Jannes stond voor het eerst in zijn carriere met een mond vol tanden. Enkele rensters namen het voortouw en uiteindelijk werd de wedstrijdsituatie in de originele staat hersteld. Hoe gaaf was het ook dat de wedstrijdspirit er niet minder om werd. Net als voor het ‘vredesverdrag’ legden we elkaar meteen weer op de pijnbank, wat resulteerde in een supersnelle en mooie finale. En gelukkig stond de brug niet omhoog in de laatste kilometers!

Deze dag zal de geschiedenisboeken ingaan als ‘Het verzet van Winschoten’. Een historische dag in de geschiedenis van het vrouwenwielrennen. Jammer voor de organisatie natuurlijk, die zich wel verontschuldigde en zich de dagen daarna geweldig herpakten. Ik moet zeggen, de Energiewachttour is een verrijking van onze kalender. Ik was na vijf dagen net zo uitgeput als na tien dagen Giro Donne. Kortom: er gaat niets boven Groningen, helemaal niet met windkracht 7!

Column WR: De Apotheek

Ik ben de discussie over doping ondertussen zo kotsbeu dat ik er eigenlijk geen letter meer aan wil verspillen. Deze week komt het echter zo dichtbij dat ik er niet omheen kan. Zoals elk voorjaar bereid ik me op de april-klassiekers voor in Toscane. In het legendarische familiehotelletje Zi Martino. Een grote schare profploegen gingen ons de afgelopen 30 jaar voor. Ik dacht dat dit kwam door de uitstekende ‘doppio’s’ (dubbele espresso’s), de overheerlijke pasta’s en de prachtige trainingsroutes maar sinds het Rabo-dopingdossier weet ik de ware reden. De Apotheek van Castagneto Carducci.

Dankzij het nodige spit en graafwerk van de fanatieke wielerjournaille is dit de grap van de week hier. Naast de borsten van Liz Hatch ((mannen, google gerust) ook al zo’n discussie waar ik eigenlijk geen letter aan wil verspillen maar me toch dood aan erger. Het feit dat een wielrenster die in neutralisatie al gelost wordt maar daarbij wel haar dubbel-D-cup uit haar koersshirt laat slingeren en daardoor meer publiciteit krijgt dan de winnares. Mijn feministische inborst kan zich daar zo over opwinden dat mijn ploegleider me nu ‘liefkozend’ Liz Slappie noemt. U zult wel denken dan ik gewoon jaloers ben, maar ik heb als renster toch echt honderd keer liever dat mijn kuiten uit mijn broek knappen dan mijn borsten uit mijn shirt. Tot zover deze discussie) zijn ook de grote hoeveelheden kaneel die wij verwerken goed voor veel lol (kaneel werkt namelijk ontsmettend, verwarmend, krampwerend en heeft een gunstig effect op de bloedsuikerspiegel. Het belangrijkste effect volgens een van mijn ploeggenoten is echter dat je er bloedgeil van wordt (ze is afgestudeerd Universiteit van Wageningen en dus neem ik aan dat dit in menig studentenhuis proefondervindelijk is vastgesteld, wat bij studenten natuurlijk nog steeds niets zegt! Ik kan na drie maanden van intensief gebruik dit feit naar het land der fabelen verwijzen aangezien het aandeel vrijgezellen, inclusief mijzelf, in onze ploeg niet is afgenomen. Maar dit terzijde). U merkt; het niveau is niet altijd even hoog op dit trainingskamp.

Terug naar De Apotheek. De apotheek waar volgens een ex-rabobankrenner epo werd gekocht en vervolgens naar Nederland vervoerd. Langs die apotheek fietsen wij dus elke dag. Naast alle bordjessprints is dit ondertussen de meest prestigieuze sprint van de training; dubbele punten! Tot zo ver bleven alle grappen dus nog onschuldig. Tot Roxane Knetemann een knieblessure opliep. Dan merk je toch opeens dat er in Italië óf een taalbarrière óf een iets anders medisch systeem werkzaam is. Er wordt een manueel therapeut gebeld maar er verschijnt een huisarts. Die wordt ook niet ‘zomaar’ gebeld. Nee, pas gebeld wanneer onze gastvrouw het licht van zijn huis op de heuvel ziet branden (het was al bijna bedtijd) waarop ze waarschijnlijk iets van witte rook vanuit het hotel liet opgaan. Vervolgens verschijnt er een grijs mannetje met een enorme cortisonespuit in zijn tas. Terwijl wij ondertussen allemaal met buikpijn van het lachen onder tafel liggen verwijst Roxane de man met haar Noord-Hollandse tact resoluut weer terug naar zijn huis op de heuvel. Dan maar een zere knie. Nee, trainingskampen in Castagnetten Carducci zullen dankzij De Apotheek en het dopingdossier nooit meer hetzelfde zijn.

Column: Koude start

Stelt u zich eens voor; het is 23 februari 2013. De aftrap van het klassieke seizoen staat voor de deur: Omloop het Nieuwsblad. En de thermometer geeft exact nul graden aan.

Om het plaatje volledig te maken moet u zich de touringbus van de Rabo Liv/Giant dames inbeelden. Zeven dames drukken hun neus tegen de ruit op weg naar de start in Gent. Alsof ze denken te kunnen ruiken hoe koud het is buiten. Ze zijn er klaar voor. Een winter vol voorbereiding, trainingskampen op de meest zonnige bestemmingen en een wedstrijd in Qatar hebben ze in de benen. Er is echter een ding waar ze niet op voorbereid zijn…

Nul graden is nogal koud!!! Helemaal met een noordoostenwind en een gevoelstemperatuur van min tien! Gelukkig hebben we allemaal een koffer vol koerskleding in alle soorten en maten, dik en dun, neopreen en windstoppend, over de oren en in de schoenen bij ons en niet te vergeten een reeks crèmes van ‘medium warm balm’ tot ‘super hot legs on fire balm’. Kort samengevat: Vanaf vrijdagmiddag 16:00 uur tot zaterdagochtend 11.15 uur was de vraag “Wat trek jij aan?”.

Ik kreeg het idee dat het geen zak uitmaakt of je slechts één of al tien jaar op de fiets zit, met dit soort omstandigheden heeft niemand vaak te maken gehad en dat maakt de besluiteloosheid bij zowel de jonkies als de ouwe rotten in de ploeg enorm! Had een videocamera in de bus gehangen, het had ongetwijfeld hilarische beelden opgeleverd. Alle voordelen en nadelen per kledingstuk en combinatie van kledingstukken werden uitgebreid doorgesproken. Er werd zelfs nagedacht over de ‘uittrekbaarheid’ van kleding in de koers, mocht je het toch nog warm krijgen. De invloed van de windrichting en dus de temperatuur op verschillende plekken op het parcours werd erbij betrokken en op het laatste moment werden er nog kledingstukken verknipt om met de meest uitgebalanceerde combinatie aan de start te kunnen verschijnen.

Helaas ben ik nu een typisch vooroordeel over vrouwen aan het bevestigen en dat doet pijn. Vrouwen gaan nu eenmaal niet over één nacht ijs. Maar misschien hebben Tom Boonen en Sylvan Chavanel op zaterdagochtend ook wel drie keer van overschoenen gewisseld, twee keer van brillenglazen en een extra laag vaseline op hun neus en ballen gesmeerd?!

Uiteindelijk rolden er om 11.15 uur zeven dampende Rabo-rensters uit de bus (die gelukkig nog tien minuten de tijd hadden gemaakt om de wedstrijdtactiek door te spreken) om vijf minuten later met 170 collega’s van start te gaan voor een prachtige wedstrijd. Want een ding is zeker; des te extremer de weersomstandigheden, des te heroïscher de overwinning. Helaas werden we tweede…